Karin Hamelink, werkt in de frontline Covid-19 in het ASZ Dordrecht
Karin Hamelink, werkt in de frontline Covid-19 in het ASZ Dordrecht

Inmiddels zijn we een beetje gewend geraakt aan het woord Covid-19 of Corona. Toen we de eerste berichten hoorden over Covid-19 in China leek dat zover weg, maar voordat we er erg in hadden zagen we beelden van Italië en dan ineens sta je zelf ook voor een enorme uitdaging. Als intensive care verpleegkundige zag ik onze intensive care in no-time veranderen in een Covid intensive care. Het is alweer ruim twee maanden geleden dat wij de eerste Covid-19 patiënten opnamen op onze intensive care, daar is in korte tijd een heel traject aan vooraf gegaan. Er lag een goed draaiboek klaar maar om de capaciteit op de IC-afdeling te verdubbelen leek een onmogelijk taak. Er is veel verbouwd, bedden bij geplaatst, apparatuur aangeschaft, de IC zag er op dat moment heel anders uit en het is ons stap voor stap gelukt.

 

Langzaam kwamen er steeds meer doodzieke patiënten op onze afdeling. De patiënten hebben allemaal hetzelfde ziektebeeld, worden in diepe slaap gehouden en krijgen ondersteuning van een beademingsmachine. Patiënten die nog zieker worden liggen soms op hun buik in een zandbed, veel mensen schrikken daarvan maar dit wordt vaker toegepast bij patiënten met ernstig zieke longen. Het is surrealistisch, ik heb in al die jaren dat ik op de IC werk nog nooit zoveel patiënten tegelijkertijd op hun buik gehad.

 

De IC was afgesloten van de rest van het ziekenhuis, verboden voor iedereen die er niets te zoeken had, ook voor de familie van patiënten. Dat maakt het voor de familie maar ook voor ons extra zwaar. Wij hebben normaal gesproken veel contact met de familie en leren ook de patiënt beter kennen door wat de familie aan ons verteld, dat is belangrijk voor het moment dat de patiënt wakker wordt. Het ziekenhuis heeft mobieltjes en I-pads aangeschaft en we videobellen en facetimen nu met de familie. Heel zwaar voor familie om via een beeldscherm je geliefde te zien liggen met een wildvreemd persoon ernaast die onherkenbaar is met die beschermende kleding. In die periode hadden we geregeld dat 1 contactpersoon van de familie twee keer per week naar een kantoorruimte in het ziekenhuis mocht komen om de intensivist en de IC-verpleegkundige te spreken.

 

 


Zo had ik een keer een gesprek met de zus van een 50-jarige man die bij ons lag. Zijn vrouw en dochters zaten op dat moment thuis in quarantaine en mochten niet naar het ziekenhuis komen. Het gesprek voerden we met de zus terwijl zijn vrouw via haar mobiel op de speaker mee kon luisteren. Mooi dat het kan maar wat moet dit moeilijk zijn voor familie. Ondanks dat het een enorme belasting was voor het personeel wilden we dit doen omdat het zo belangrijk is voor familie.

 

Op de IC-afdeling heerste rust en een sfeer van saamhorigheid, we draaiden extra diensten, vakanties werden ingetrokken en we kregen veel ondersteuning van oud-collega’s en verpleegkundigen van andere afdelingen. OK-personeel hielp ons bijvoorbeeld omdat er in die periode niet werd geopereerd. Het is wel een extra verantwoordelijkheid, de IC-verpleegkundigen houden de regie, maar het is fijn om extra hulp te ontvangen.

 

Wij zijn enorm verwend, er werden krijttekeningen voor het ziekenhuis getekend, mensen stonden te klappen, T-shirts werden opgehangen met een groot rood hart, van een schildersbedrijf kregen we dozen maskers, bossen rozen in de hal van het ziekenhuis, kratten fruit, chocolade van onze buurman en zo ging het maar door. Super lief allemaal.

 

Het zijn hele spannende weken geweest voor de IC’s in heel Nederland. Gaan we het halen? Hebben we genoeg capaciteit om iedereen die dat nodig heeft op te nemen? Inmiddels is veel hulp weer afgeschaald. Het personeel van de operatieafdeling is weer terug naar de OK. Daar wordt langzaam de zorg weer opgepakt, want wat zijn er veel operaties niet door gegaan. De IC-capaciteit was verdubbeld maar inmiddels hebben we weer een aantal IC-bedden minder in gebruik. We draaien nog steeds wel met meer IC-bedden dan dat we hadden voordat de Corona crisis begon. Maar we zien gelukkig minder toename van ernstig zieke Covid-19 patiënten.

 

Ik schrijf het stukje om iedereen ervan bewust te maken dat mensen heel ernstig ziek kunnen worden van het virus, het kan iedereen overkomen, luister daarom goed naar de overheid, wees geduldig en let een beetje op elkaar.

 

We werken hard en weten dat we nog maanden verder moeten. Gelukkig hebben we inmiddels al heel wat patiënten, na een aantal weken aan de beademing hebben gelegen, uit kunnen zwaaien naar de afdeling een mooi en ontroerend moment. Af en toe maak ik een rondje op de afdeling waar onze patiënten naar toe gaan als ze de IC-afdeling mogen verlaten. De patiënten zijn enorm verzwakt en hebben kilo’s aan spiermassa in moeten leveren. Sommige patiënten kunnen alleen met een tillift uit bed getild worden omdat de kracht ontbreekt om dat zelfstandig te kunnen doen. Deze mensen hebben nog maanden nodig om te revalideren. Wat ik ook zie is dat de mensen ontzettend dankbaar zijn dat ze nog leven.

  

 

We praten als gezin vaak met elkaar over de impact van de crisis bij ons in Nederland maar ook in de andere landen en de derde wereld. We zijn niet bang om besmet te raken, we letten als collega’s goed op elkaar en ik heb vertrouwen in onze Hemelse Vader. Hij geeft me de kracht om mijn werk te kunnen blijven doen en om vol te houden want we zijn er nog lang niet.